Terug naar nieuws

24 januari 2026

VN Oceaanverdrag bescherming van de zee treedt in werking 

Afgelopen week is het internationale Oceaanverdrag van de VN officieel in werking getreden. Het verdrag heeft een duidelijke ambitie: in 2030 moet minstens 30 procent van de wereldzeeën beschermd zijn. Daarmee zetten landen gezamenlijk een belangrijke stap om biodiversiteit te herstellen en verdere aantasting van zee-ecosystemen tegen te gaan.

Beschermen én benutten

De Noordzee is een van de drukst gebruikte zeeën ter wereld. Windparken, kabels en leidingen, scheepvaart, visserij, natuurgebieden en defensieactiviteiten concurreren om ruimte. Het Oceaanverdrag onderstreept dat bescherming geen bijzaak meer is, maar een volwaardig onderdeel van toekomstig zeegebruik.

Tegelijkertijd vraagt de energietransitie om versnelling. Offshore wind, nieuwe vormen van energie uit water, natuurontwikkeling en monitoringtechnologieën moeten worden getest en opgeschaald. Dat kan alleen als bescherming en gebruik niet als tegenpolen worden gezien, maar als onderdelen van één geïntegreerde aanpak.

Van beleid naar praktijk

Het Oceaanverdrag geeft richting op internationaal niveau, maar de vertaling naar nationale en regionale zeeën zoals de Noordzee vraagt om concrete keuzes. Daar ligt een belangrijke rol voor samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen en bedrijven. Testlocaties, living labs en fieldlabs vormen de schakel tussen beleidsambitie en praktische uitvoering.

Vooruitkijken

Het Oceaanverdrag markeert geen eindpunt, maar het begin van een nieuwe fase waarin zorgvuldig omgaan met de zee centraal staat. Voor Campus@Sea bevestigt het de noodzaak van verantwoord meervoudig gebruik: innovatie die rekening houdt met natuur, en bescherming die ruimte laat voor leren en ontwikkelen.

De komende jaren zullen laten zien hoe bescherming en innovatie hand in hand kunnen gaan op de Noordzee. Testen, meten en samenwerken zijn daarbij onmisbaar.